Letterlijk

De manier waarop je een gesprek met een vreemde begint, hangt af van waar je woont. Dat concludeert de Amerikaanse journaliste Deborah Fallows, die met haar project Geography of Small Talk onderzoek deed naar hoe Amerikanen elkaar begroeten – van Honolulu tot Wisconsin en van New Orleans tot New York. Zo is de kans groot dat je in Kansas het tamelijk ouderwetse Who do you belong to? naar je hoofd krijgt geslingerd, terwijl New Yorkers vissen naar de voor hen allesbepalende wijk waarin je woont. Beide zijn erop gericht om je te duiden, als persoon. Om zo snel mogelijk te achterhalen tot welk deel van de gemeenschap of mensenmassa je behoort.

En dat is nog maar Amerika.

Het begon allemaal toen Fallows prompt naar ‘haar kerk’ werd gevraagd. Niet in haar woonplaats Washington D.C., maar in South Carolina, op tweederde van de route tussen New York en Florida. Twee vrouwen die ze daarover sprak, verklaarden het als een verkapte vraag naar de kring waarin je je begaf. Welke kerk? had dus net zo goed kunnen zijn Bij wie hoor jij? Niet zo gek, vond de journaliste. Al was ze zelf vooral gewend aan vragen over wat ze deed. Qua werk. En dat bleek uiteindelijk ook geheel in lijn met D.C., een stad waarin je net zo snel carrière kunt maken als macht verliezen. Je bent wat je doet.

Hoewel ik tweetalig ben opgevoed en sinds mijn tienerjaren steeds beter ‘Ohrids’ spreek, zegt dat niets over het tempo waarin ik culturele omgangsvormen aanleer. Als ik iemand tegenkom, is het: Zdravo! (Hallo!), waarna mijn gesprekspartner me vraagt: Kaj si ma?, dat Waar ben je joh, hey? betekent en dient te worden beantwoord met een simpel Evo (Nou, hier). Of neem So prajs?, letterlijk Wat ben je aan het doen?. In plaats van gewoon, net als in Nederland, te zeggen dat het goed gaat afgezien van wat drukte af en toe, steek ik doorgaans enthousiast van wal. Te letterlijk. Nou, ik liep even lekker door de stad, moet zo boodschappen doen en misschien ga ik ook nog koffie drinken ergens. Jij?

Stilte is vaak een goede graadmeter tijdens een gesprek. Een verwarde blik ook, ontdekte ik.

Gelukkig is afscheid nemen overal even ongemakkelijk. Tot de volgende keer! kan wel over vijf maanden plaatsvinden als je niet gelijk een datum prikt. De tijd vliegt niet, je hebt gewoon andere prioriteiten. En zegt dat niet hardop.

Nee, dan in dit kleine stadje. Elkaar constant tegenkomend, houden we het hier maar bij de feiten: ke se vidime – we zullen elkaar zien.